terug

Prehistorische kampementen op een donk

kampementen Beverwaard

Mesolithicum (41)

Aan het einde van de laatste ijstijd, tot zo'n 10.000 jaar geleden, ontstonden grote opgewaaide rivierduinen in de stroomvlakte van Rijn en Maas. In die tijd was de begroeiing gering, waardoor de wind vrij spel had. De toppen van de rivierduinen worden aangeduid met de term donk. Grote delen van de donken spoelden in de loop der tijd weg door de rivieren of raakte geleidelijk bedekt onder veen en/of rivierklei. De toppen van de rivierduinen bleven echter, na de laatste ijstijd toen de riviervlakten geleidelijk veranderden in moerasgebieden, nog lange tijd hoge en droge plaatsen. De prehistorische mens koos dan ook de donken veelvuldig als verblijfplaats uit.

Binnen de gemeente Rotterdam bevinden zich ook verscheidene donken met prehistorische woonlagen in de ondergrond. De donk in IJsselmonde is in 1981 voor een klein deel onderzocht, waarbij sporen uit het Midden-Steentijd, de Nieuwe Steentijd en de overgangsperiode Nieuwe Steentijd-Bronstijd werden aangetroffen. De sporen uit de Midden-Steentijd bestaan uit een haardplaats en enkele vuurstenen werktuigen. Het aangetroffen houtskool is gedateerd aan de hand van de C14-methode. De uitkomst bleek te liggen rond 5500 voor Christus. De sporen wijzen op de aanwezigheid van een tijdelijk kampement, waar kleine groepjes jagers-verzamelaars zich korte tijd hebben opgehouden.
Op de donk werden ook resten gevonden van mensen van de Vlaardingencultuur. Zij woonden tussen 3500 en 2500 voor Christus in West-Nederland en het Midden-Nederlandse rivierengebied. Het waren boeren, die aan akkerbouw en veeteelt deden en permanente nederzettingen kenden. De sporen op de donk lijken samen te hangen met een tijdelijke uitvalsbasis, waar vanuit men kon jagen en vissen. De resten die zij achterlieten bestaan uit vuurstenen artefacten (onder andere fragment van een geslepen bijl) en scherven van aardewerk.

Info Reacties Streetview