terug

Gevelstenen uit poortje met inscripties: Qui Vive, Vive Orange, Sint Pietersgang (1646)

Verhaal

De Sint Pietersgang is een steeg die ontstond door de bouw van 24 huisjes op een lange perceel dat liep van de Boompjes naar de Scheepmakershaven en was in de zeventiende eeuw evenals de overige percelen in gebruik als scheepswerf. Van de eerste uitgifte van de erven in 1613 aan de Boompjes is bekend dat de scheepstimmerman Warnaer Jansz. hier een werf en een huis bouwde. Volgens Van Wiersum is het pand in 1646 nog in bezit van Warnaer Jansz., terwijl in een akte uit 1618 en 1634 al wordt gesproken van de weduwe van Warnaer Jansz. In 1674 werd Van Brakel eigenaar, het gifteboek vermeldt dan een "scheepstimmerwerf met de huysinge...". Van Brakel verkocht het perceel op 8 juli 1726 aan Pieter van Zijl. Waarschijnlijk hebben de stenen de gevel van het huis Warnaer Jansz. gesierd en zijn ze later -tussen 1674 en 1726- verhuisd naar het poortje dat Van Brakel waarschijnlijk heeft laten bouwen. Van Zijl die in 1726 eigenaar werd heeft vervolgens -achter dit poortje dus- op het erf 24 huisjes gebouwd.

St. Pietersgang

Het jaartal op de steen zou kunnen verwijzen naar het huwelijk van Louise Henriette, oudste dochter van Frederik Hendrik en Amalia van Solms, met Frederik Wilhelm, keurvorst van Brandenburg. Of naar het beleg van Antwerpen door Frederik Hendrik. Of naar de verovering van Duinkerken onder Tromp door alliantie van Frankrijk en de Republiek. De laatste mogelijkheid zou goed kunnen als met de huiseigenaar Van Brakel de vlootvoogd Jan van Brakel (1618-1690) wordt bedoeld: de held van Chatham die in 1690 sneuvelde en een praalgraf in de Laurenskerk heeft.

In 1913 kwamen de stenen in de collectie van het museum.

ReactiesVerhaal Mensen Verwant Naslag Streetview