terug

Gevelsteen van het huis In Duijsent Vreesen, Grotemarkt hoek Hang (1594)

Verhaal

Het huisje waaruit de eerste steen en het tegeltableau "In . duijsent . vreesen" afkomstig zijn wordt voor het eerst genoemd bij verkoop in 1575. Een verbouwing in 1594 is waarschijnlijk de aanleiding geweest voor de plaatsing van de jaartalsteen. Het tegeltableau zou dan ook kunnen zijn aangebracht maar een datering rond 1605 is zeker niet uit te sluiten. Het huisje stond aan de Grotemark, oorspronkelijk een overwelfd deel van de Steigersgracht. In de achttiende en negentiende eeuw werd de markt, naar het Erasmusbeeld, ook wel aangeduid als Erasmusmarkt.

Huis in Duysent Vreesen

Als de Italiaan Edmondo de Amicis in 1873 Rotterdam bezoekt, noemt hij in zijn later verschenen boek "Olanda" onder andere de Laurenskerk, het beeld van Erasmus en het huisje In Duijsent Vreesen. Hij wijst dan ook op het schilderij [tegeltableau] in de gevel van het huisje en beschrijft de legende die verbonden zou zijn aan het pand. Toen de Geuzen op 1 april Den Briel innamen, stond de Rotterdamse vroedschap aan de Spaanse zijde terwijl de gewone bevolking wel enige sympathie voor de Geuzen en de zaak van de prins van Oranje had. Na het verlies van Den Briel vroeg de Spaanse stadhouder Bossu om onderdak voor zijn troepen -dit stond de vroedschap toe, maar de bevolking hield de Spaanse soldaten bij de Oostpoort tegen. Zij moesten daarom de nacht voor de stad in het open veld doorbrengen. Na bemiddeling van pastoor Duifhuis konden de soldaten de volgende dag alsnog binnentrekken, in groepen van telkens veertig man. De bevolking vond dat de Spanjaarden zich hieraan niet hielden, er ontstond een handgemeen dat erin eindigde dat de Spaanse troepen ongeveer 40 Rotterdammers doodsloegen en plunderend door de stad trokken. Enkele inwoners verschansten zich in een hoekwoning op het marktplein en hadden, om de Spanjaarden te misleiden, het bloed van een geslachte bok over de drempel en stoep laten lopen. Zij zouden daar duizend angsten uitstaan. Niet alleen in Rotterdam zaten de inwoners in duizend vrezen ook in Leiden, Alkmaar, Den Haag Maastricht waren en zijn borden en gevelstenen met deze naam bekend. De Rotterdamse legende sprak zelfs zo tot de verbeelding dat N.A. Peypers er in 1867, volgens Van Lennep en Ter Gouw, een toneelbewerking van maakte.

In een testament uit 1607 betreffende de eigenaren van dit pand, komt de naam in duizend vrezen al voor. Het tegeltableau, met hierop dezelfde naam, laat naast vier dieren ook nog twee fraai uitgedoste figuren zien. De interpretatie van het afgebeelde is ingewikkeld, maar houdt verband met de Spaanse dreiging in de Tachtigjarige Oorlog. Uit de foto van het pand blijkt dat het onderschrift van het tegeltableau veel breder was dan het tegelfries dat nu onder het tableau zit. Dat moet er wel later onder zijn gezet. Het randmotief sluit ook stilistisch ook niet aan bij de oorspronkelijke omlijsting van de tegels.

Het pand is in 1895 gesloopt waarna het tegeltableau en de jaartalsteen in de collectie van het museum terecht zijn gekomen.

ReactiesVerhaal Mensen Verwant Maquette Naslag Streetview