terug

Gevelsteen uit molen De Hoop, Coolvest (1736)

Verhaal
CoolvestMolen de Hoop

Rondom de vesten van de middeleeuwse stad stonden verschillende torens; aan de Coolvest zeker vier waaronder de Jan Vettetoren. De kap van deze Heer Jan Vettentoren werd in 1619 afgebroken om een watermolen op de fundamenten te bouwen. Aan het begin van de zeventiende eeuw waren de meeste houten molens vervangen door stenen bovenkruiers, een molentype waarbij in tegenstelling tot een onderkruier de kap beweegbaar is. In 1635 is er reeds sprake van de windmolen 'bequaam om run of koren te malen' die aan het einde van de Leeuwenstraat stond. Voor 1642 moet de molen ernstige schade hebben geleden gezien de gift voor 'de Roomolen, die jegenwoordig door het overkomen ongeluk gansch reddeloos lijt'. Rond 1736 onderging de molen opnieuw een verbouwing waarbij ter herinnering boven de ingang een fraaie gevelsteen is geplaatst met hierop de personificatie van de Hoop met de kenmerkende attributen een anker en een duif. De nieuwe eigenaar maakte met de gevelsteen duidelijk dat de molen voortaan bekend zou staan onder de naam De Hoop.

Ter beperking van de concurrentie tussen de molenaars, werden er verschillende maatregelen uitgevaardigd, maar die brachten onvoldoende resultaat zodat het molenaarsgilde in 1687 het bevel gaf om zeven molens af te breken. Van de dertien uit het begin van de zeventiende eeuw waren nog maar zeven over: De Haas, De Lely, De Pellekaan, De Blauwe Mole, De Rode Leeuw, De Oranjeboom en De Hoop. Dit aantal bleef gehandhaafd tot aan 1791. Daarna was er een lichte opleving maar de komst van de stoommachine en later de elektromotor maakte daar definitief een eind aan. De molen de Hoop is in 1918 onteigend en in 1920 gesloopt en in datzelfde jaar is de gevelsteen in de collectie van het museum opgenomen.

ReactiesVerhaal Mensen Verwant Naslag Streetview