terug

Pakhuis "'t Leidsche Veem"

Prinsendam 196, Rotterdam

Inleiding:

In 1898 gebouwd PAKHUIS in sobere eclectische stijl naar ontwerp van architect C. van Seem in opdracht van de naamloze vennootschap Leidsche Veem. Het voormalige pakhuis met een totale oppervlakte van 2020 m2 diende voornamelijk voor de opslag van tabak en is gesitueerd aan de kort tevoren (1887-1894) gerealiseerde Rijnhaven op de zogenaamde Wilhelminapier.

Omschrijving:

Geheel vrijstaand pakhuis van vier bouwlagen en een kelder boven een zo goed als rechthoekige plattegrond opgetrokken in rode baksteen met banden en rollagen van gele baksteen en natuurstenen dorpels en sierstenen. De vensters zijn getoogd en hebben houten kozijnen.

Het pand bestaat uit drie afzonderlijke vemen naast elkaar. Deze hebben aan beide kadezijden identieke gevels. In oostelijke richting kon het pakhuis worden uitgebreid tot een totaal van vijf vemen, waardoor de oostgevel vrijwel blind is uitgevoerd.

De inpandige dubbele laaddeuren van de drie afzonderlijke vemen dragen boven de onderste deur, in natuursteen gebeiteld, van oost naar west respectievelijk de namen: DE RUIJTER, M.H. TROMP en JOHAN de WITT. Lisenen, aan weerszijden van de laaddeuren en op de hoeken, lopen in de daklijst door in een gemetseld boogfries. Aan weerszijden van de laaddeuren kleine vensters. Tussen de laaddeuren bevinden zich vijf traveeën waarvan de middelste drie deuren op iedere verdieping uitkomen op ranke ijzeren laadbalkons met kruisvormig hekwerk. De middelste travee loopt telkens hoger door in de vorm van een puntgevel. De twee puntgevels worden extra geaccentueerd doordat op de begane grond de rondboog boven de middelste deur uitkraagt, steunend op een dubbel kapiteel. De westelijke zijgevel aan de tweede Zwanegatstraat heeft afgeschuinde hoeken en per verdieping twee laaddeuren met tussenliggend steeds drie getoogde vensters. Op de oostelijke blinde zijgevel, per bouwlaag voorzien van eenvoudige muurankers, is in zakelijke witte belettering: NAAML:VENZ: "LEIDSCHE VEEM." geschilderd. De vloer van de begane grond bestaat uit een ijzeren bintlaag waarop beton is aangebracht. De verdiepingsvloeren zijn van hout en worden gedragen door eiken standvinken. De binten worden gedragen door dubbele moerbalken.

Waardering:

Laat negentiende-eeuws veemgebouw van algemeen belang wegens architectuur- en cultuurhistorische en typologische waarde. Tevens van belang wegens situationele en ensemble waarde als één van de eerst gerealiseerde havengebouwen op de Wilhelminapier aan de Rijnhaven.

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Wikipedia Afbeeldingen Streetview