terug

GEB-gebouw

Rochussenstraat 230e.a., Rotterdam

Rochussenstraat 230-734 GEB gebouw

Inleiding:

Tussen 1927 en 1931 gebouwd geheel vrijstaand KANTOORGEBOUW voor het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf naar Nieuw Zakelijk ontwerp van architect Gemeentewerken J. Poot, onder supervisie van de gemeentelijke architecten ir. W.G. Witteveen en ir. A.J. van der Steur.

Het torenvormige 65 meter hoge GEB-gebouw was lange tijd het hoogste gebouw van Nederland. Voor de berekening van het betonskelet werd de raadgevend ingenieur A.E. van Genderen Stort uit Den Haag aangesteld. Het gebouw is gefundeerd op, speciaal door ir. J.J.P. Sprenger ontworpen, betonpalen, welke later ook elders veelvuldig zijn toegepast.

Het GEB-gebouw is gesitueerd aan de tweesprong van de Rochussenstraat en de Claes de Vrieselaan en vormt een monumentaal sluitstuk binnen het 'Uitbreidingsplan Dijkzigt' van W.G. Witteveen uit 1926.

N.B. De opbouw op het dak dateert uit de Tweede Wereldoorlog en fungeerde als uitkijkpost voor de Duitse bezetter. De toren heeft een daklijst aangezien de wens bestond de toren in een later stadium met een aantal verdiepingen uit te breiden.

Het gebouw is in 1993 verbouwd tot een woongebouw voor jongeren met 231 wooneenheden.

Omschrijving:

Kantoorgebouw, grotendeels bekleed met gele ruwe Friese baksteen, bestaande uit een toren van 15 bouwlagen met aan de voet van het gebouw vier lagere bouwvolumes, die ten opzichte van elkaar verspringen en in hoogte verschillen en alle zijn voorzien van een plat dak: een rechthoekig bouwblok van vijf bouwlagen (in oorsprong met dakterras bij de voormalige koffiekamer) langs de Rochussenstraat aan de oostzijde afgesloten door een terugliggend halfrond paviljoen van twee bouwlagen; aan de westzijde een drie bouwlagen tellend verder teruggerooid rechthoekig bouwblok; aan de zuidzijde een vierkant bouwblok van twee bouwlagen. Daarnaast zijn er nog twee uitbouwen van één bouwlaag, een rechthoekige uitbouw aan de achterzijde van de lange zijgevel en een halfronde glazen toonzaal links naast de hoofdingang in het torendeel aan de Rochussenstraat. Het gevelbeeld van het gebouw wordt gekenmerkt door een consequent doorgevoerde ordening van penanten, lisenen, borstweringen en in de laagbouwvolumes strookvensters. De vensters waren in oorsprong voorzien van betonnen onder- en bovendorpels, oorspronkelijk gevat in stalen profielen met verticale roedenverdeling. De toren is verticaal geleed. De betonnen skeletpijlers zijn bekleed met baksteen terwijl de...

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Wikipedia Afbeeldingen Streetview