terug

Koetshuis van Buitenplaats Schoonoord

Parklaan 15k2, Rotterdam

Inleiding:

KOETSHUIS oorspronkelijk behorend tot de buitenplaats "Schoonoord", gebouwd omstreeks 1855 in sobere eclectische stijl in opdracht van Hendrika van Hoboken, echtgenote van J.J.M. van Heel.

Oorspronkelijk grensde het koetshuis met zijn noordelijke zijgevel aan het buitenhuis "Stroomzicht". Sinds dit buitenhuis in 1871 is gesloopt, staat het koetshuis vrij. In 1931 werd de sloot tussen het koetshuis en de naastgelegen buitenplaats "Welgelegen" gedempt en kwam de perceelscheiding tussen het koetshuis en "Schoonoord" te liggen.

Omschrijving:

Het koetshuis is op een rechthoekige plattegrond vrijwel symmetrisch gebouwd met een laag middendeel (nokhoogte circa 7,2 m) en twee hogere zijdelen (nokhoogte circa 11,5 m). De verschillende delen bestaan uit één cq. twee verdiepingen met kapverdieping onder zadeldaken, waarbij de nokken van de hogere bouwdelen loodrecht op de voorgevel staan. Het koetshuis is, boven een natuurstenen plint, opgetrokken in rode baksteen met natuurstenen cordonlijsten en waterdorpels. Het voegwerk van de voor- en zuidelijke zijgevel is zorgvuldiger uitgevoerd dan bij de overige gevels. De vensters zijn gevat in houten kozijnen. Het dak is bedekt met dakvilt en gedeeltelijk met zwarte pannen. (Oorspronkelijk was het waarschijnlijk geheel met pannen bedekt.) De (westelijke) voorgevel bevat in het lage middendeel, waarin zich de oorspronkelijke koetsstal bevond, twee geprofileerde houten wagendeuren op de begane grond en op de kapverdieping dubbele hijsdeuren.

Deze kapverdieping diende oorspronkelijk waarschijnlijk als hooizolder.

De risalerende hogere bouwdelen bevatten elk (symmetrisch) op de begane grond een deur met bovenlicht en een rechthoekig schuifvenster met roedenverdeling. Doorlopend over de gehele westgevel twee cordonlijsten, respektievelijk ter hoogte van de verdiepingsvloer en doorlopend tussen de onderdorpels van de (twee) blindnissen op de verdieping. Bovenin de puntgevel van het linker bouwdeel een radvenster, in het rechter bouwdeel hier een (niet oorspronkelijk) tweeledig rechthoekig venster met roedenverdeling. De rechter puntgevel heeft bewerkte windveren, de linker puntgevel heeft eenvoudige onbewerkte windveren. De noordelijke zijgevel heeft op de begane grond geheel links en rechts twee deuren met bovenlichten en hier tussen gelegen drie stalramen. Het middelste hiervan is niet origineel. Op de verdieping bevinden zich drie rechthoekige vensters met roedenverdeling. De gevel heeft cordonlijsten confor...

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Afbeeldingen Streetview