terug

Quarantaineweg 1

Quarantaineweg 1, Rotterdam

Omschrijving complexonderdeel A



Inleiding


Voormalig ONTSMETTINGSGEBOUW, deel uitmakend van het uit 1930-1933 daterende complex Quarantaine-inrichting, centraal gesitueerd op het Quarantaineterrein nabij de steiger aan de Nieuwe Maas met de lange zijden parallel aan de hoofdontsluitingen van het terrein en uitgevoerd in zakelijk-expressionistische trant. Het reinigingsgebouw bestaat uit drie afzonderlijke delen: een BADHUIS aan de noordzijde, een KETELHUIS aan de zuidzijde en het eigenlijke ONTSMETTINGSGEBOUW hiertussen. In het ontsmettingsgebouw werden besmette goederen in twee speciale ovens (grotere en kleinere) gedesinfecteerd door middel van vacuüm formaldehyde en waterdamp. De grote hoogte van de kap houdt verband met de afvoer van de dampen die tijdens het ontsmettingsproces vrijkwamen en de aanwezigheid van een entresol waar zich de ontsmettingscabines voor kleding bevinden. Voor de spanten werd een constructie toegepast die temperatuurverschillen kon opvangen.


De ketels uit het ketelhuis zijn verwijderd en overgebracht naar een museale omgeving.



Omschrijving


Het ONTSMETTINGSGEBOUW, dat op een grotendeels rechthoekige plattegrond is opgetrokken, telt een bouwlaag en een hoge kapverdieping en bestaat uit drie afzonderlijke delen: het 'BADHUIS' aan de noordzijde met een nog deels aanwezige ontvangst- en vertrekruimte, waardekantoor, scheerzaal en een complete badinrichting, het 'KETELHUIS' in de uitbouw aan de zuidzijde en het 'ONTSMETTINGSGEBOUW' ertussen dat in het eigenlijke desinfectiegedeelte hoger opgetrokken is en een entresol met ontluchtingsrooster heeft. Het badhuis en het ontsmettingsgebouw zijn volledig gescheiden in een reine- en onreine afdeling. Ter hoogte van de uitbouw aan de oost- en westzijde heeft het ontsmettingsgebouw een hoge dwarskap. Met name dit hoger opgetrokken volume heeft een bijzondere kapconstructie van dubbele houten balken die met schroeven en bouten verbonden zijn, waardoor de door hitte uitgezette balkdelen gemakkelijk aangepast of vervangen kunnen worden. De lange oost- en westgevels hebben een identieke geleding met in het lage deel, van noord naar zuid respectievelijk drie smalle vensters, gevolgd door negen hoge twaalfruitsvensters waarna - vlak onder de dakrand - een lange strook van twaalf lage zesruitsvensters geflankeerd door twee kleine vensters. In het hogere dwarsvolume op de begane grond, onder een waterlijst, bevinden zich drie vensterpartijen met verticale vensterverdeling. Hierboven wo...

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Afbeeldingen Streetview